zaterdag 14 november 2015

119. IHEU & de Verenigde Staten

In de jaren tachtig en negentig heb ik honderden lezingen over Nederland gegeven in de VS. Het was een goede manier om meer te leren over het bijzondere van mijn eigen land. En over de VS vanzelfsprekend. De meeste aanwezigen bij mijn lezingen bleken het verhaal van Hans Brinker te kennen. Velen dachten dat Hans de vinger in een lekkende dijk (a finger in a leaking dike) stak om Holland te redden maar dat is echter in het boek van Mary Mapes Dodge een naamloos zoontje van een sluiswachter. Sprak ik voor een homo/lesbisch gehoor dan leidde mijn woordspeling vaak tot gegniffel maar voor veel Amerikanen is de subculturele betekenis van het woord dike voor lesbo kennelijk onbekend of men hield zich discreet in.

Verenigde Staten & Nederland
Waarom zegt dit vingerverhaal meer over de VS dan over Nederland? Amerikanen zijn dol op individuele helden die hun land of de wereld redden van de ondergang. Nederlanders geloven meer in polderen: to solve a problem by sharing enlightened self-interests. Het loutere feit dat men het begrip polderen niet kent, verklaart al veel. De VS is gegroeid door pioneers die land veroverden op anderen. Nederland groeide door gezamenlijk een land te ontwikkelen dat voor het dichtst bevolkte deel onder de zeespiegel ligt.  Ook zeevaarders en handelaars droegen gezamenlijk bij aan de wereldhandel die zich ontwikkelde tot 's werelds eerste multinational: de Vereenigde Oostindische Compagnie V.O.C. .

Engels is een wereldtaal geworden door veel landen te bezetten. Nederlands was een handelstaal en men had op een enkele uitzondering na er geen zakelijk belang bij om andere talen te verdringen. Integendeel: het is voor de handel juist goed om veeltalig te zijn en de eigen taal als geheimtaal achter de hand te houden. Zo schakelen mijn partner Herman en ik in het buitenland wel eens over op het Fries als wij vertrouwelijke dingen willen bespreken en we vermoeden dat er Nederlanders in de buurt zijn. Hoewel de Friese taal tussen het Engels en het Nederlands in ligt, leert de ervaring dat de meeste Engels- en Nederlandstaligen het niet onmiddellijk verstaan.

In de vroege Middeleeuwen bewoonden de Friezen de gehele Noordzeekust van wat nu Vlaanderen en Holland is tot in Duitsland en in de laatste duizend jaar tot aan wat nu Denemarken is. De Romeinen beschrijven aan het begin van onze jaartelling dat de Friezen terpen, human made hills, opwierpen tegen hoogwater om er te wonen en het vee te stallen.  Omdat de zeespiegel bleef stijgen begon men rond de lagere gebieden dijken te maken en zo ontstonden de polders, areas below see level surrounded by dikes. Polders konden niet gered worden door individuele vingers in dijken te steken maar alleen door gezamenlijk en planmatig de handen uit de mouwen te steken. Zo werden de Friezen de grondleggers van het Nederlandse poldermodel.

Iedereen zal begrijpen dat dergelijke gebieden alleen tegen het water beschermd zijn als de dijken overal voldoende hoog zijn. Zo ontstond in Nederland een diep geworteld besef van het gemeenschappelijk welbegrepen eigenbelang. Datzelfde besef leefde bij de vele scheepsbemanningen die eeuwenlang de wereldzee├źn introkken: ze zaten met z'n allen in hetzelfde bootje. En dat besef werd nog versterkt door het feit dat de kleine Nederlandse staat en cultuur omringd werden (en worden) door grotere en machtige staten en culturen: de Engelse, de Duitse en de Franse.

Het is vanuit die achtergrond goed te verklaren dat de Nederlandse jurist Hugo de Groot, Hugo Grotius, een grondlegger is van het internationaal recht. Wie klein is, heeft baat bij een rechtsorde die de vrijheid van de zwakkeren beschermt. Mij viel op dat in de VS een ander vrijheidsbegrip overheerst: de afwezigheid van regels. De paradox is dat daardoor de vrijheid van de sterkeren groter wordt en die van de zwakkeren kleiner: de wetten van het oerwoud. In een polder en op een schip hebben de sterkeren er belang bij dat iedereen sterk genoeg is om de kleine gemeenschap te helpen verdedigen tegen de veel grotere gemeenschappelijke vijand: het omringende water.

In de ogen van veel Nederlanders leidt de Amerikaanse maatschappij aan een extreem egocentrisme waardoor gemeenschappelijke belangen in gevaar komen. Als velen het eigen wapenbezit als een grondrecht beschouwen dan neemt de maatschappelijke onveiligheid toe. Als men toelaat dat armen geen gezondheidszorg krijgen dan bedreigt dat de gezondheid van de rijken omdat voor iedereen besmettelijke ziekten onvoldoende bestreden worden. Als conservatieve christenen gods water over gods akker willen laten lopen dan steunen zij feitelijk het darwinisme dat zij zo bestrijden: the survival of the fittest.

Dit egocentrisme wordt nog versterkt door het districtenstelsel waarin geldt: the winner takes all. Daardoor wordt democratie opgevat als de dictatuur van de meerderheid. In Nederland, waar eeuwenlang nooit een meerderheidspartij heeft bestaan, wordt echte democratie juist opgevat als de maatschappelijke vormgeving van het beginsel dat mensen zelf zin en vorm geven aan hun bestaan zolang zij het zelfbeschikkingsrecht van anderen niet aantasten.

IHEU
Van 1986 tot 1998 heb ik als (co)president van de IHEU mogen meewerken aan de groei van deze wereldorganisatie. In deze tijden van toenemende godsdienstige onverdraagzaamheid is het erg belangrijk dat de belangen van ongodsdienstigen doelmatig behartigd worden. Als de verdedigers van vrijheid zich niet organiseren dan helpen de vijanden van vrijheid haar om zeep. Humanisten gaan er van uit dat mensen het recht hebben om zelf zin en vorm te geven aan hun bestaan zolang zij anderen in hun mensenrechten niet schaden. Het is daarom nogal lachwekkend om te zien dat sommige Amerikaanse christenen in dit kader spreken van een 'War on Christianity'. 

Aanleiding voor deze onterechte beschuldiging is de voortgang die de Amerikaanse homo/lesbische beweging maakt door met name de openstelling van het burgerlijk huwelijk voor paren van gelijk geslacht. Het verzet tegen huwelijksgelijkberechtiging neemt in de Verenigde Staten soms potsierlijke vormen aan. Wie niet beter weet, zou haast denken dat het heteroseksuele huwelijk verboden dreigt te worden. En dat daar alleen nog maar huwelijken tussen mannen en tussen vrouwen toegestaan zouden worden. Om deze vorm van heteroseksuele onverdraagzaamheid te maskeren wordt net gedaan of er sprake zou zijn van 'gay intolerance'.

Zo wordt er geroepen dat de vrijheid van godsdienst door same sex marriages in gevaar zou komen terwijl iedereen in de VS mag geloven wat hij of zij wil zolang men de vrijheid van andersdenkenden niet aantast. Werkelijke godsdienstvrijheid houdt ook in dat mensen van godsdienst mogen veranderen of bijvoorbeeld humanist mogen worden. In de VS halen sommigen er zelfs de vermeende schuld voor het dodelijke virus ebola bij om atheïsme en homoseksualiteit te bestrijden!

Ook wordt gedaan alsof de belangen van kinderen worden geschaad door ouderparen van gelijk geslacht terwijl uit een overvloed aan onderzoek bewijst dat dit niet het geval is. Zo blijkt weer eens dat homoseksualiteit een belangrijke toetssteen is voor de handhaving van mensenrechten. 

Bovendien heerst ook in de VS het gangbare misverstand dat het democratisch zou zijn om de homo/lesbische minderheid van hun mensenrechten te beroven. Zij denken ten onrechte dat democratie de dictatuur van de meerderheid zou zijn.

Het is dan ook van groot belang dat de IHEU als grote wereldwijde levensbeschouwelijke organisatie de gelijkberechtiging van homo/lesbische minderheden tot een van de speerpunten van haar beleid heeft gemaakt. Paradoxaal genoeg beseffen de meeste godsdienstigen niet dat het uitgerekend de humanisten zijn die de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing het beste verdedigen. Vergelijk dat eens met al die onverdraagzame godsdienstigen die alleen hun eigen godsdienst de vrijheid gunnen die zij onder andersdenkenden bestrijden. Kijk maar naar al die godsdienstoorlogen die momenteel gevoerd worden. 

Humanisme in de VS
Door al die lezingen in de VS heb ik Amerikaanse humanisten goed leren kennen. Terwijl in polderend Nederland de humanistische beweging goed samenwerkte en veel gelijke behandeling kon bereiken, was er in de VS geen sprake van een doelmatige humanistische beweging. Telkens waren er weer goed bedoelende pioniers die een eigen organisatie gingen opzetten los van de tientallen andere humanistische organisaties die er al bestonden. Helaas heb ik daar vanuit de internationale humanistische beweging geen verandering in kunnen brengen. Wel heb ik kunnen bereiken dat er minder tijd en energie werd gestoken in het bestrijden van elkaar en meer in het streven naar gelijkberechtiging.

Verreweg mijn belangrijkste contactpersoon in de VS was de hoogleraar filosofie Paul Kurtz (1925-2012). Hij richtte in 1969 de wereldwijd belangrijkste humanistische uitgeverij  Prometheus Books op. Van 1986 tot 1994 was hij samen met mij (co)president van de IHEU. Sinds 1990 was ik lid van de International Academy of Humanism waarvan hij oprichter en voorzitter was. Hij richtte in 1991 het wereldwijde Center for Inquiry op dat het blad Free Inquiry uitgeeft waarvan hij hoofdredacteur was. Hij heeft tientallen boeken geschreven over het hedendaagse humanisme. Paul Kurtz mag zonder meer een van de belangrijkste Amerikaanse en internationale humanistische pioniers genoemd worden. Wij hadden in de IHEU de afspraak dat hij het polderen aan mij overliet. De pionier en de polderaar: het bleek voor de IHEU een geslaagde combinatie!



Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.


Naschrift: in mijn blog plaats ik onder andere conceptteksten voor mijn memoires die eind 2016 als boek zullen verschijnen. Mijn eigen blogteksten zal ik niet steeds als citaat aanhalen. Dat doe ik wel met het aanhalen van eigen teksten die elders zijn verschenen, met bronvermelding.