zaterdag 26 december 2015

125. Homo-erotisch met tepels spelen

In mijn vorig blogbericht "Mannen tongzoenen mannen" riep ik lezers op om homostandjes aan mij door te geven die in de meeste (Amerikaanse) homoporno vrijwel geen aandacht krijgen. Lezers wezen mij er op dat er op internet heel weinig aandacht is voor de seksuele aantrekkelijkheid van mannentepels. Het lijkt wel alsof veel heteromannen niet weten hoe opwindend hun eigen tepels kunnen zijn. Hoe is dat te verklaren? Homomannen vallen op mannenlijven en zijn zich dus meestal meer bewust van de seksuele mogelijkheden van hun eigen lichaam dan de meeste heteromannen. Door het veelvuldig voorkomen van heteromannen in de meeste (Amerikaanse) homoporno leidt dat tot een groot gebrek aan aandacht voor opwindende tepelspelletjes. Hieronder een overzicht van wat ik wel aan tepelspel ben tegengekomen op internet. Dit om het eenzijdige aanbod aan homo-erotiek op internet wat veelzijdiger te maken. 

Hieronder een verzameling van afbeeldingen van (bijna) naakte mannen die ik erotisch en niet pornografisch vind. Degenen die liever geen (vrijwel) blote mannen zien die kunnen de onderstaande links beter overslaan. Wie een tekst ziet zonder links kan het beste gaan naar:
http://robtielmanblogt.blogspot.nl/2015/12/125-homo-erotisch-met-tepels-spelen.html

Mij bekende tepelspelers
Dat zijn (weer in alfabetische volgorde van de eerstgenoemden): de Europeanen Pedro Andreas & Daniel Marvin (bewegend beeld) en Adam Archuleta & Tommy Poulain, de Amerikanen Eddy Barena & Levi Poulter, de Amerikaan en de Colombiaan Jeremy Bilding & Alexander Garrett, de Amerikanen Justin Blakely & Micah Brandt en Girth Brooks & Daniel Leon, de Amerikaan en de Braziliaan Adam Champ & Bruno Bernal, de Amerikanen Brad Chase & Travis Stevens, de Europeanen Sacha Chaykin & Paul Mekas, Ethan Clarke & Giorgio Carrera en Tony Conrad & Ronny Lamarr, de Amerikaan en de Cubaan Damien Crosse & Rafael Carreras de Europeanen Dario Dolce & Adam Archuleta & Billy Cotton, de Amerikanen Leo Domenico & Tommy Defendi, de Europeanen Roald Ekberg & Jack Harrer, Miguel Estevez & Joel Birkin, Kris Evans & Rhys Jagger en Kris Evans & Dolph Lambert, de Amerikanen Franco Ferrari & Gavin Waters, Seth Fornea & Jared Bradford LeBlanc en Bob Hager & Luke Adams, de Europeanen Luke Hamill & Josh Elliot, Luke Hamill & Rick Lautner en Tommy Hansen & Brandon Manilow, de Amerikanen Dane Hyde & Brock Hart, Jesse Jackman & Landon Conrad, Jesse Jackman & Rogan Richards en Doug Jeffries & Brock Russell, de Europeanen Rhys Jagger & Vadim Farrell, Brady Jensen & Dolph Lambert, Jim Kerouac & Todd RossetHoyt Kogan & Kris Evans, Hoyt Kogan & Marcel Gassion, Dolph Lambert & Florian Nemec, Brandon Manilow & Dolph Lambert, Brandon Manilow & Marc Vidal, Daniel Marvin & Pedro Andreas, Daniel Mathis & Brian Jovovich, Paul Mekas & Sascha Chaykin en Gregg Meyjes & Marc Ruffalo, de Amerikanen Levi Michaels & Gabriel Clark, de Cubaan en de Spanjaard Ibrahim Morena & Gabriel Taurus, de Europeanen Alex Orioli & Bruno Boni (bewegend beeld met tongzoenen), de Amerikanen Adam Ramzi & Colt Rivers en Zach Randall & Derek Rivero, de Europeanen Derek Raser & Manuel Rios, Manuel Rios & Jack Harrer, de Slowaak en de Cubaan Jay Roberts & Rafael Carreras, de Slowaak en de Amerikaan Jay Roberts & Harley Everett, de Slowaak en de Brit Jay Roberts & Paddy O'Brian, de Amerikanen Angel Rock & Nick Sterling en Adam Russo & Tony Thorn, de Europeaan en de Amerikaan Danny Saradon & Tim Hamilton, de Europeanen Ryan Thulin & Alex Orioli, Ettore Tosi & Hector DaSilva, Torsten Ullman & Orri Aasen, Paul Valery & Mark ZebroAriel Vanean & Orri AasenEmilio Vargas & Julien Hussey, Marc Vidal & Josh  Elliot, Kevin Warhol & Andy McAllister en Kevin Warhol & Jerome Exupery, de Amerikaan en de Colombiaan Sean Xavier & Alexander Garrett en de Amerikanen Ryan Zane & Kyle Kennedy. En nu we toch bezig zijn: het drietal Europeanen Jerome Exupery & Helmut Huxley & Hoyt Kogan.

Ik streef er naar om zoveel mogelijk links te plaatsen naar foto's en filmpjes van mannen waarvan bekend is wie zij zijn. Op deze wijze wil ik de vaak anonieme 'homovleesmarkt' uit de kast laten komen. De aandacht voor tepelspelen is helaas nog zo gering dat ik daarover op internet maar heel weinig foto's en filmpjes heb kunnen vinden waarbij de namen en landen van herkomst vermeld worden. Daarom wil ik nu een uitzondering maken en die anonieme beelden toch plaatsen. Ik zet ze hieronder in willekeurige volgorde met telkens een getal er bij. Mochten de betrokken mannen toch uit de kast willen komen dan kunnen zij mij die getallen met de bijbehorende namen en de landen van herkomst doorgeven.

Foto's van mij onbekende tepelspelers
Ik noem eerst de variant van tepelspel en dan een getal om de reacties er op makkelijker te maken: met de tong 1, met de tong 2, met de tong 3, met de tong 4, met de mond 1, met de mond 2, met de mond 3, met de mond 4, met de mond 5, met de mond 6, met de mond 7, al lachend met vingers 1, met twee handen van achteren 1, met een hand al tongzoenend 1, en met een hand in homostandje 69 1. Voor de volledigheid wijs ik nog even op het bestaan van tepelringen en tepelklemmen om de omvang en de gevoeligheid van tepels te vergroten.

Filmpjes van mij onbekende tepelspelers
Ook hier eerst de variant van tepelspel en dan een getal om makkelijk te kunnen reageren: met de tong 1, met de tong en de tanden 1met de mond 1, met de mond 2, met de mond 3, met de mond en de tanden 1, met de mond en een hand 1, met een hand en de mond 1, met twee handen 1 en met twee handen 2.

Tepelspelhumor
In het kader van de door mij bepleite homo-erotische humor laat Brandon Lewis bij Paddy O'Brian zien waar de drukknop voor een stijve zit. Een zeldzaam voorbeeld van homohumor in homoporno. En ja hoor: het werkt!

Een onbekend homostandje
Tenslotte weer een homostandje dat op internet vrijwel niet te vinden is. Ik had al eerder aandacht besteed aan het moeilijk vindbare homostandje 69. Een variant daarvan toont dit filmpje met tepelstandje 69. Wie meer op internet (vrijwel) ontbrekende homostandjes weet, kan dat aan mij doorgeven!


Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

zaterdag 19 december 2015

124. Mannen tongzoenen mannen

Op zoek naar intimiteit tussen mannen liet ik in blogbericht 87 "Mannen zoenen mannen" ruim zestig zoenende mannenparen zien die ik op internet gevonden had, waarvan slechts 10 % tongzoenend. Van de zoenende mannen in films en televisieseries die ik vond, was niemand aan het tongzoenen. Dit wijst op het taboe dat nog altijd rust op tongzoenende mannenparen. Op zoek naar (homo)erotiek tussen mannen liet ik in blogbericht 99  "Homo-erotisch mannennaakt" ruim 375 mannenparen zien, waarvan een vijfde zoenden en slechts een derde daarvan tongzoenden. Wederom een voorbeeld van het taboe op tongzoenende mannenparen. Facebook bijvoorbeeld had dit jaar nog bezwaren tegen elkaar zoenende mannen.

In mijn blogbericht 97 "Kritiek op homoporno" schreef ik dat veel (vooral Amerikaanse) homoporno een vertekend beeld van homoseks geeft. Er wordt weinig zichtbaar genoten van homoseks. Het lijkt veel op het afraffelen van een beperkt aantal standjes waarin vooral 'heterootje' gespeeld wordt. Er is weinig aandacht voor homoseksstandjes die hetero's niet kennen. Er heerst vaak een negatief beeld van homoseks: "vies", "smerig", "goor", enzovoorts. Het lijkt wel een seksfabriek met weinig persoonlijke aandacht voor elkaar. Je ziet weinig plezier of humor. Daarom schreef ik blogbericht 113 over "Homo-erotische humor".

Mij bekende mannen tongzoenen mannen
Lezers wezen mij er op dat in homoporno ook weinig gezoend wordt en nog minder getongzoend. Ik ging op zoek en inderdaad: veel porno-acteurs hebben er geen enkel bezwaar tegen om iedereen te neuken waar een gat in zit maar (tong)zoenen ho maar. Terwijl dat toch voor velen een belangrijk onderdeel is van intimiteit tussen mensen. Daarom hieronder het bescheiden resultaat van het zoeken op internet naar elkaar tongzoenende mannen. 

Hieronder een verzameling van afbeeldingen van (bijna) naakte mannen die ik erotisch en niet pornografisch vind. Degenen die liever geen (vrijwel) blote mannen zien die kunnen de onderstaande links beter overslaan. Wie een tekst ziet zonder links kan het beste gaan naar:
http://robtielmanblogt.blogspot.nl/2015/12/124-mannen-tongzoenen-mannen.html

De Braziliaan en de Amerikaan Rafael Alencar & Seth Treston, de Hongaar en de Tsjech Yuri Alpatow & Roald Ekberg, de Amerikanen Derek Atlas & Ricky Decker en Derek Atlas & Jacob Peterson, de Amerikanen Antonio Biaggi & Dominic Pacifico, de Europeanen Jean-Luc Bisset & Roland Curtis, de Amerikaan en de Australiër Duncan Black & Tate Ryder, de Europeanen Andre Boleyn & Alex Orioli & Todd Rosset, de Amerikanen Matt Bomer & Simon Halls, de Europeanen Ludovic Canot & Florian Nemec, de Spanjaard en de Slowaak Adriano Carrasco & Jay Roberts,  de Tsjechen Jean-Daniel Chagall & Rick Lautner, de Europeanen Sasha Chaykin & Paul Mekas en Ethan Clarke & Giorgio Carrera, de Amerikanen Landon Conrad & Ryan Rose, Brent Corrigan & Chris Harder, Nathan Cox & Marco Blaze, Damien Crosse & Rafael CarrerasDamien Crosse & Shawn Wolfe en Angel Cruz & Jordi Moreno, de Tsjechen Michal & Radek Cuma, de Europeanen Ion Davidov & Johan Paulik, de Duitsers Carlo Degen & Kai Seebach (bewegend beeld), de Amerikanen D.O. & Vito Gallo, de Europeanen Dario Dolce & Dylan Maguire, de Braziliaan en de Amerikaan Leo Domenico & Tommy Defendi, de Brazilianen Leo Dominico & Diego Lauzen, de Amerikanen Trevor Donovan & Alan Ritchson (bewegend beeld) en Trenton Ducati & Connor Kline, de Braziliaan en de Amerikaan Jimmy Durano & JR Bronson, de Amerikaan en de Rus Marc Dylan & Valentin Petrov, de Europeanen Josh Elliot & Marc Vidal, de Hongaar en de Rus Kris Evans & Andrei Kareninidem, de Hongaar en de Belg (?) Kris Evans & Dolph Lambert, de Hongaar en de Amerikaan Kris Evans & Mick Lovell, de Amerikanen Kevin Falk & David Chase, de Britten Dato Foland & Axel Brooks, de Amerikanen Seth Fornea & Jared Bradford LeBlancWoody Fox & Shawn Wolfe en Paul Francis & Levi Poulter, de Amerikaan en de Braziliaan Jake Genesis & Diego Sans, de Amerikanen Leo Giamani & Kevin Falk, de Europeanen Bogdan Gromov & Andrey Vic, de Fransman en de Italiaan Stéphane Haffner & Emilliano Simione, de Amerikanen Colton Haynes & Jerreth Ludwig, de Fransman en de Amerikaan Will Helm & Daniel Crosse, de Europeanen Colin Hewitt & Florian Nemec, de Hongaar en de Fransman (?) Harris Hilton & Phillipe Gaudin, de Europeanen Helmut Huxley & Jerome Exupery, Rhys Jagger & Kris Evans en Brady Jensen & Colin Hewitt, de Canadezen (?) Brandon Jones & Marco Gagnon, de Europeanen Jon Kael & Antony Lorca, de Amerikanen Levi Karter & Damian Black (bewegend beeld), de Amerikaan en de Rus (?) Levi Karter & Dmitry Dickov, de Amerikanen Colby Keller & Duncan Black, de Europeanen Jim Kerouac & Sean Davis, de Amerikanen Kyle King & Bo Dean, de Europeanen Hoyt Kogan & Christian Lundgren, de Brazilianen Diego Lauzen & Leo Dominic, de Amerikaan en de Hongaar Mick Lovell & Kris Evans, de Amerikanen Liam Magnuson & Devin Adams en Connor Maguire & Ryan Rose, de Hongaren Fabrizio & Fernando Mangatti, de Amerikanen Malachi & Scotty Marx, de Canadees en de Braziliaan Malachi Marx & Diego Sans, de Europeanen Peter Manilow & Peter Fleming en Daniel Marvin & Pedro Andreas, de Amerikanen Colby Melvin & Brandon Robert Brown, Austin Merrick & Bradley Hudson en Aaron Milo & Chris Salvatore (bewegend beeld), de Europeanen Jeff Mirren & Garret DormanPaddy O'Brian & Dato Foland en Alex Orioli & Bruno Boni (bewegend beeld met tepelspel), de Amerikanen Evan Parker & Kody Knight en Evan Parker & Damien Wolfe, de Braziliaan en de Australiër Joey Pele & Michael Lachlan, de Amerikanen Parker Perry & Troy Daniels, de Tsjechen Milo & Elijah Peters, de Europeanen Massimo Piano & Klein Kerr en Tom Pollock & Johnny Bloom, de Amerikanen Levi Poulter & Paul Francis en Levi Poulter & Christopher Spicer (bewegend beeld), de Tsjech en de Italiaan Victor Racek & Ettore Tosi, de Amerikanen (?) Charlie Rawlins & Matthew Smith, de Venezolanen (?) Julio Rey & Mario Domenech, de Amerikanen Rogan Richards & Hunter Marx, de Slowaak en de Hongaar Lukas Ridgeston & Kris Evans, de Amerikanen Blake Riley & Brent Diggs en Victor Rios & Antonio Majors, de Slowaak en de Brit Jay Roberts & Paddy O'Brian, de Amerikanen Ty Roderick & Troy Collins, de Nederlanders  Thijs Römer & Tycho Gernandt, de Amerikanen Anthony Romero & Austin Wilde (bewegend beeld), Ryan Rose & Luke Adams, Ryan Rose & JP Dubois, Ryan Rose & Lance Luciano, Ryan Rose & Shawn Wolfe en Cayden Ross & Jeremy Walker, de Amerikaan en de Rus (?)  Jesse Santana & Valentin Petrov, de Amerikanen Dominic Santos & Killan James, Dominic Santos & Austin Wilde (bewegend beeld) en Xander Scott & Malachi Marx, de Europeanen Hectoer de Silva & Dario Beck, de Amerikanen Travis Stevens & Bastian Hart, de Amerikaan en de Spaans/Libanees Murray Swanby & Pablo Hernandez, de Canadezen Alexy Tyler & Félix Brazeau, de Amerikanen Tyson Tyler & Landon Conrad, de Europeanen Paul Valery & Josh Elliot, de Amerikanen Hunter Vance & Brent Diggs, de Europeanen Ariel Vanean & Todd Rosset, Emilio Vargas & Julien Hussey en Marc Vidal & Josh Elliot, de Amerikanen Shawn Wolfe & Tristan Mathews en Tom Wolfe & Cal Skye en de Amerikaan en de Rus Sean Xavier & Bogdan Gromov.

Ik heb maar een paar fotografen gevonden die zich wagen aan tongzoenende mannen: de Spanjaarden  Carmelo Blazquez en Joan Crisol, de Engelsman Ethan James en de Amerikaan Howard Roffman.

Mij onbekende mannen tongzoenen mannen
Over mijn maandenlange zoektocht naar intimiteit tussen mannen schreef ik in blogbericht 93 "Mannennaakt dat geen porno is". Over mijn even lange zoektocht naar homo-erotiek die geen porno is, schreef ik in blogbericht 98 "Liever homo-erotiek dan homoporno". In beide series streefde ik er naar om zoveel mogelijk links te plaatsen naar foto's en filmpjes van mannen waarvan bekend is wie zij zijn. Op deze wijze wilde ik de overwegend anonieme 'homovleesmarkt' uit de kast laten komen.

Het taboe op tongzoenende mannen is echter nog zo groot dat er op internet maar heel weinig foto's en filmpje te vinden zijn waarbij de namen en landen van herkomst vermeld worden. Veel beelden van tongzoenende mannen zijn niet afkomstig uit de homoporno-industrie maar zijn meestal huisvlijtjes: door de betrokkenen zelf op internet geplaatst. Zij laten de seksuele aantrekkingskracht tussen mannen veel overtuigender zien dan in verreweg de meeste pornohandel. Daarom wil ik deze keer een uitzondering maken en die beelden toch plaatsen. Ik plaats ze hieronder in willekeurige volgorde met telkens een getal er bij. Mochten de betrokken mannen toch uit de kast willen komen dan kunnen zij mij die getallen met de bijbehorende namen en de landen van herkomst doorgeven.

Eerst een aantal foto's: tongzoenen 01, tongzoenen 0, tongzoenen 1, tongzoenen 2tongzoenen 3 en tongzoenen 4. Dan een aantal korte filmpjes: tongzoenen 5, tongzoenen 6, tongzoenen 7, tongzoenen 8, tongzoenen 9, tongzoenen 10, tongzoenen 11, tongzoenen 12, tongzoenen 13, tongzoenen 14, tongzoenen 15, tongzoenen 16, tongzoenen 17, tongzoenen 18, tongzoenen 19 en tongzoenen 20. En nog een op internet zeldzaam voorbeeld van al tongzoenend dubbel aftrekken. Het is een klein druppeltje op een gloeiende plaat maar hopelijk draagt dit er toe bij dat de beeldvorming over homoseks op internet wat minder eenzijdig wordt.

Op internet genegeerd homostandje
Ik ben op internet nog nooit een filmpje over tongzoenen tegengekomen dat samenhangt met homostandje 69: beide mannen pijpen elkaar, komen (ongeveer) gelijktijdig klaar, slikken het sperma van de partner niet door maar houden het in de mond en tongzoenen elkaar daarna waarbij elkaars sperma gemengd wordt. Ik weet uit eigen ervaring dat er veel mannenparen zijn die dit het toppunt van intimiteit vinden. Dit standje is minder geschikt voor mannen die elkaar niet goed kennen want je moet aanvoelen wanneer de ander gaat klaarkomen en dan in staat zijn om ook klaar te komen.

Op internet heb ik het niet kunnen vinden. Het enige dat in buurt komt van dit standje dat ik wel ben tegengekomen is dit filmpje over tongzoenen na klaarkomen, (dit filmpje) en deze foto van de Europeanen Tony Conrad & Felix Gaul. Mocht er toch wat te vinden zijn dan hoor ik dat graag. En dat geldt ook voor verzoeken om aandacht te besteden aan andere homostandjes die niet of nauwelijks op internet te vinden zijn. Dit om de helaas zeer eenzijdige voorlichting over homoseks te verbeteren!


Een lezer zond mij nog een voorbeeld: Jack Harrer & Lukas Ridgeston.



Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda. 

zaterdag 12 december 2015

123. IHEU & Engeland

Mijn plotselinge vertrek in 1998 als president van de IHEU had tot een groot schandaal kunnen leiden vanwege de anti-Nederlandse en homovijandige achtergronden ervan. Ik heb mijn afscheid toen beargumenteerd vanwege "gebrek aan wederzijds vertrouwen". Dit om de IHEU niet te schaden. En om het strategisch belang van de internationale humanistische beweging bij het behoud van goede betrekkingen met Nederland en met de wereldwijde homo/lesbische beweging. Deze betrekkingen zijn door mijn wijze van vertrekken gelukkig niet verslechterd. De persoon die indertijd mijn vertrouwen schond, is na zeventien jaar uit de IHEU vertrokken. Vanwege de historische en sociologische achtergronden van dit conflict acht ik het belangrijk om nu opening van zaken te geven. Eerst een overzicht van de anti-Nederlandse en homovijandige achtergronden in Engeland waar ik in 1998 veel minder zicht op had dan nu.

Engelse minachting van Nederland
Het meest bekende voorbeeld van Engelse geschiedsvervalsing is het wegmoffelen van de Nederlandse geschiedenis van 1609 tot 1664 in wat toen Nieuw Amsterdam en Nieuw Nederland heette en nu New York en omstreken is. Het is de verdienste van de Holland Society of New York , het New Netherland Institute, en de Amerikanen Charles Gehring , Janny VenemaAnnette Stott en Russell Shorto dat de door de Engelsen 'vergeten' geschiedenis van Nederland in Noord-Amerika weer de nodige aandacht krijgt. De meest belangwekkende boeken hierover vind ik: Annette Stott; Holland Mania, the Unknown Dutch Period in American Art and Culture (Woodstock NY 1998), Janny Venema; Beverwijck, a Dutch Village on the American Frontier 1652-1664 (Albany 2003), en Russell Shorto; The Island at the Center of the World, the Epic Story of Dutch Manhattan and the Forgotten Colony that Shaped America (New York 2004). De Dutch American invloed op de VS is veel groter dan de meeste Nederlanders beseffen. Zie bijvoorbeeld de lijst van belangrijkste Dutch Americans . Er wonen nu meer dan vijf miljoen Amerikanen van Nederlandse afkomst in de VS. En Nederland is de derde grootste investeerder in de VS.

New York is niet het enige voorbeeld van Engelse geschiedvervalsing als het om de grote betekenis van Nederland voor Engeland gaat. Het beste boek daarover vind ik dat van de Engelse geschiedkundige Lisa Jardine; Going Dutch, How England Plundered Holland's Glory (Londen 2008). De boektitel spreekt voor zich. De titel van de Nederlandse vertaling is aanzienlijk diplomatieker: Gedeelde weelde. Hoe de zeventiende-eeuwse cultuur van de Lage Landen Engeland veroverde en veranderde (Amsterdam/Antwerpen 2008). Zij toont overtuigend aan hoeveel Engeland aan Nederland te danken heeft. Maar in plaats van daar dankbaar of zelfs trots op te zijn zoals bovengenoemde Amerikanen, heeft Engeland kosten noch moeite gespaard om die Nederlandse invloed onder het tapijt te vegen. Er is zelfs sprake van een regelrechte minachting van Nederland. Omdat Lisa Jardine zich vooral beperkt tot Engeland zelf, richt ik mij in dit blogbericht op de wereldwijde gevolgen van deze Engelse minachting voor alles wat Nederlands was en is.

Engelse wereldwijde geschiedvervalsing
Ik kwam dit op het spoor dankzij mijn grote verzameling oude historische atlassen. Daarin viel het mij op dat Engelse atlassen stelselmatig het wereldwijde Nederlandse verleden hebben weggelaten. Overigens weten ook veel Nederlanders weinig van de vaderlandse geschiedenis overzee. Zo weten de meesten niets of weinig over Nederlands Brazilië terwijl dat in Brazilië zelf veel beter bekend is. Ook onbekend is bij verreweg de meeste Nederlanders dat eeuwenlang ten westen van Nieuw Zeeland het ook door Nederlanders ontdekte Nieuw-Holland ofwel Australië op kaarten te vinden was. En vrijwel niemand in Nederland kent nog de geschiedenis van Nederlands Formosa ofwel het huidige Taiwan.

In eerdere berichten besteedde ik aandacht aan de voormalig Nederlandse gebieden België en delen van Noord-Frankrijk, de Verenigde Staten en Zuid-Afrika. Daar weet men in Nederland meestal wel wat meer van. In dit blogbericht beperk ik mij (in alfabetische volgorde) tot landen die door Nederland zijn afgestaan aan Groot Brittannië en waarvan de Nederlandse voorgeschiedenis vergeten dreigt te worden.

Delen van hedendaags Ghana (ofwel de Nederlandse Goudkust) waren Nederlands van 1598 tot 1872. Mede door de rol van Nederland in de slavernij is over deze voormalige kolonie het een en ander bekend. Maar er is vaak sprake van onjuiste beeldvorming. Amsterdam zou zijn welvaart aan de slavernij te danken hebben, terwijl de handel in goederen en diensten veel belangrijker was. Nederland zou een grote rol in de handel in slaven gespeeld hebben, terwijl het maar om enkele procenten gaat. Slavernij zou vooral door Europeanen gepleegd zijn, terwijl ook belangrijke daders Afrikanen en Arabieren waren. En slavernij zou een zaak uit het verleden zijn, terwijl die (vooral in islamitische gebieden) nog steeds voorkomt. In de negentiende eeuw wierf het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger in de toenmalige Goudkust soldaten, de zwarte Hollanders: Belanda Hitam.

Het westelijk van Suriname gelegen Guyana is een duidelijk voorbeeld van een voormalig Nederlands overzees gebied waarvan de Nederlandse geschiedenis van 1600 tot 1814 in vergetelheid is geraakt door het beleid van de Britse koloniale opvolger. Zo werd de naam van de hoofdstad Stabroek veranderd in Georgetown maar gelukkig is de plaatsnaam New Amsterdam hier nog wel bewaard gebleven. De universiteit van Leiden is begonnen de vergeten geschiedenis van Berbice, Essequebo en Demerery te onderzoeken. De naam Berbice heeft in Nederland nog enige bekendheid dankzij de gelijknamige buitenplaats te Voorschoten. De uitdrukking iemand naar de barrebiesjes wensen (iemand naar de hel wensen) maakt duidelijk hoe weinig geliefd dit overzees gebied was.

Heel belangrijk is de vergeten geschiedenis van Nederlands India. Het mooi uitgegeven boek van Van der Pol: De VOC in India, een reis langs Nederlands erfgoed in Gujarat, Malabar, Coromandel en Bengalen (Zutphen, 2011) heeft een breder publiek bereikt. Ook hier heeft de Britse koloniale opvolger het belang van de Nederlandse geschiedenis van 1605 tot 1825 in India zoveel mogelijk gekleineerd. Een hedendaags voorbeeldje van de gevolgen daarvan is de tekst van de website Dutch India waarin gelukkig wel een duidelijke kaart staat, waaruit de omvang van de Nederlandse invloed alsnog blijkt. De belangstelling voor de Vereenigde Oostindische Compagnie V.O.C (en dus ook voor Nederlands India) is de laatste tijd gestegen. Gelukkig kan sinds kort Nederlands gestudeerd worden in New Delhi zodat hopelijk de aandacht voor deze bijna vergeten geschiedenis ook in India toeneemt.

Veel Nederlandse gebieden in Azië gingen verloren door het Verdrag van Londen uit 1824 in ruil voor de Britse erkenning van Nederlands Oost Indië. Daarmee kwam ook een einde aan de Nederlandse bezittingen in wat nu Maleisië en Singapore is. Over de Nederlandse tijd van 1641 tot 1825 zijn in de stad Malakka nog wat sporen te vinden maar in de rest van Maleisië en Singapore ontbreekt wetenschappelijke aandacht voor het Nederlands en de Nederlandse cultuur. Wederom een voorbeeld van de gevolgen van Britse veronachtzaming van alles wat Nederlands was en is.

Nederlanders ontdekten het eiland Mauritius in 1598 en zij vernoemden het naar prins Maurits. Het eiland bleef Nederlands tot 1710, Frans van 1721 tot 1810 (als Ile de France) en vervolgens Brits na 1810. Zij noemden het eiland weer Mauritius en mede dankzij die naam bleef de Nederlandse tijd in het bewustzijn van de eilanders leven. In 1998 werden 400 jaar betrekkingen tussen Nederland en Mauritius herdacht, werden resten van het  V.O.C.-fort Frederik Hendrik opgegraven en werden postzegels ter herdenking uitgegeven. In Nederland kreeg Mauritius ook bekendheid door het al dan niet door de Nederlanders veroorzaakte uitsterven van de loopvogel Dodo.

Sri Lanka was als Ceylon van 1638 tot 1796 Nederlands. Dankzij nog bestaande gebouwen, de zelforganisatie van de Dutch Burghers en de overblijfselen van het oudvaderlands recht zijn er nog resten uit het Nederlandse tijdperk te vinden. Maar ook in Sri Lanka ontbreekt het aan wetenschappelijke belangstelling voor het Nederlands en de Nederlandse cultuur als gevolg van de Britse onderwaardering van alles wat Nederlands was en is. Het Britse bewind leidde tot de invoering van "winner takes all" (democratie als dictatuur van de meerderheid). Hierdoor werd  stelselmatig de Tamil-minderheid achtergesteld, met de bekende noodlottige gevolgen van tientallen jaren lange burgeroorlogen.

Standaardwerken als dat van Temminck Groll, The Dutch Overseas; Architectural Survey; Mutual Heritage of four Centuries in three Continents (Zwolle, 2012), en van Ron van Oers, Dutch Town Planning Overseas during VOC en WIC Rule (1600 - 1800) (Zwolle, 2000) stemmen weemoedig over wat er verloren is gegaan of dreigt te gaan aan Nederlandse overzeese cultuur. Maar dat is niet alleen te wijten aan bovengenoemd gebrek aan Britse waardering voor Nederlandse cultuur. Ook de Nederlandse overheid leidt vaak aan wat ik de 'Engelse ziekte' zou willen noemen: een onderwaardering van de betekenis van de wereldwijde Nederlandse cultuur in verleden en heden.Een voorbeeld daarvan zijn de dreigende bezuinigingen op onderwijs in het Nederlands wereldwijd.

Uit het Engels blijkt de minachting
Als ik Engels als moedertaal zou hebben dan zou ik mij schamen om het discriminerend taalgebruik rond het op zichzelf al onjuiste woord Dutch dat eigenlijk Netherlandic zou moeten zijn: double Dutch (onzin), Dutch bargain (oneerlijke handel), Dutch build (dik), Dutch comfort (schrale troost), Dutch concert (tumult), Dutch courage (dronkenmansmoed), Dutch defense (overgave), Dutch gold (namaakgoud), Dutch kiss (opgedrongen kus), Dutch luck (onverdiend geluk), Dutchman's headache (dronkenschap), Dutchman's land (vermeend land aan de einder), Dutch medley (door elkaar heen praten), Dutch palate (slechte smaak), Dutch praise (vervloeking), his Dutch is up (hij is kwaad), I'm a Dutchman if I do (dat zal ik nooit doen), it's all Dutch to me (ik begrijp er niets van), to dutch (wegrennen) en dan ben ik er nog een aantal vergeten. Het is dat Nederlanders geen ras vormen want anders zouden we Engelstaligen nog van racisme kunnen beschuldigen!

Engelse homohaat
Engeland heeft wereldwijd een zeer negatieve invloed gehad op het denken en handelen inzake homoseksualiteit. Het meest berucht is het proces in 1895 tegen Oscar Wilde. Door dat proces kreeg een Engelse uitdrukking voor homoseksualiteit bekendheid: "the love that dare not speak its name". In Groot Brittannië stond tot 1861 de doodstraf op seks tussen mannen en daarna bleef homoseks (ook tussen volwassen mannen) strafbaar tot 1967. In Nederland eindigden al deze straffen in 1811 met dank aan zowel de Franse als de Bataafse Revolutie.

In de toenmalige Britse wetgevingsdiscussie speelde het begrip sodomy een belangrijke rol. Het is een onterechte verwijzing naar het bijbelverhaal over Sodom en Gomorra want dat gaat niet over homoseksualiteit maar over schending van het gastrecht door verkrachting.  Zie mijn hoofdstuk: "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). 

Ruim twintig jaar geleden heb ik onderzoek gedaan naar de sociale en juridische positie rond homoseksualiteit in alle landen ter wereld. Zie de World Survey on the Social and Legal Position of Gays and Lesbians; in: The Third Pink Book (Buffalo NY, 1993; 247-342). Een belangrijke bevinding was dat anti-homoseksuele wetgeving vooral te vinden was in dertig landen met een islamitische meerderheid (in negen landen gepaard gaand met de doodstraf!) en in veertig landen die de homovijandige wetgeving uit Groot Brittannië in koloniale tijden opgelegd hadden gekregen.

Ik heb mijn onderzoeksgegevens nog even gelegd naast een hedendaags overzicht van homo/lesbische rechten per land en dan blijkt dat de volgende landen de van oorsprong Britse strafbaarstelling van homoseksualiteit nog altijd kennen: Antigua, Bangladesh, Barbados, Botswana, Brunei, Birma, Cook Eilanden, Gambia, Ghana, Grenada, Guyana, India, Jamaica, Kameroen, Kenia, Kiribati, Malawi, Maleisië, Maldiven, Mauritius, Namibië, Nauru, Nigeria, Oeganda, Pakistan, Papoea-Nieuw-Guinea, Saint Lucia, Seychellen, Sierra Leone, Singapore, Solomon Eilanden, Sri Lanka, Soedan, Tonga, Trinidad, Tuvalu, Zambia en Zimbabwe. Het Britse Gemenebest speelt nog steeds een kwalijke rol.  In India wordt homoseksualiteit in 2013 weer strafbaar gesteld, en in 2014 werd weer op grote schaal vervolgd. Om nog maar te zwijgen over het inmiddels ingevoerde levenslang in Oeganda, de toegenomen vervolging in Nigeria, Gambia en Zimbabwe, en de dreigende steniging van homo's in Brunei. Ook in (deels Afrikaanstalig) Namibië wordt de homohaat weer aangewakkerd. Datzelfde geldt voor KeniaGhana, Jamaica en Maleisië. De VN heeft kritiek op de negatieve ontwikkelingen in Gambia.

Ik herinner mij uit eigen ervaring in de jaren tachtig de homosauna's in Amsterdam en Bangkok waar mannen vrijelijk met elkaar konden omgaan terwijl tegelijkertijd in mannensauna's in de nabij gelegen steden Londen en Singapore de seksuele spanning te snijden was maar waar niets kon gebeuren omdat overal de spionnen van de politie rondliepen.  Die hadden kennelijk niets beters te doen of kwamen wellicht op die manier aan hun trekken. Gelukkig zijn er landen waar homo/lesbische netwerken bij de politie bestaan want die voorkomen een hoop ellende binnen en buiten de politie.

Er zijn enkele voormalige Engelse kolonies die de strafbaarstelling van homoseksualiteit aanvankelijk opgelegd kregen maar later afschaften, hoewel de sociale weerstand nog altijd groot is in (delen van) Australië, Canada, Nieuw Zeeland, Verenigde Staten en Zuid-Afrika. Alleen het laatste land heeft van alle bovengenoemde landen net zoals Nederland een landelijk geldende grondwettelijke gelijkberechtiging en openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht. Inmiddels heeft Engeland maart 2014 ook het huwelijk opengesteld maar woedt de homohaat voort in de voormalige Engelse kolonies...

Ik wil niet zwartepieten maar het is wel opvallend dat een hoogleraar mensenrechten uit het vroegere Engelse Jamaica onlangs Nederland beschuldigde van terugkeer naar de slavernij vanwege een traditioneel kinderfeestje maar die, voor zover ik kon nagaan, nog nooit geprotesteerd heeft tegen de moorddadige aanvallen op homo's op haar eigen eiland. (Haar universiteit wilde niet meewerken dus was ik aangewezen op internet om dit uit te zoeken). De Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) heeft zich inmiddels tegen de schending van homorechten uitgesproken.

Ook opvallend is dat vooral de Afrikaanse landen in dit lijstje roepen dat homoseksualiteit een koloniaal westers verschijnsel zou zijn terwijl het juist de aan hen opgelegde Britse homovijandige wetgeving is geweest die een einde wilde maken aan de vele tradities van Afrikaanse (en Aziatische) gelijkgeslachtelijke riten en relaties. En dan heb ik het nog niet gehad over de Amerikaanse fundamentalistische christenen die de homohaat in Afrika, zoals in OegandaNigeria en D.R.Congo, aanjagen. Over kolonialisme gesproken!

Wat heeft deze voorgeschiedenis met mijn vertrek uit de IHEU te maken?
Voor mijn verkiezing tot co-president van de IHEU in 1986 (zo is mij veel later gebleken) was daar aanvankelijk van vooral Angelsaksische zijde verzet tegen omdat een openlijk homoseksuele voorzitter het imago van de IHEU zou kunnen schaden. De Nederlanders in die vergadering stelden juist dat mijn voorzitterschap van het Humanistisch Verbond niet had geleden onder mijn openlijke homoseksualiteit. Integendeel, omdat Nederland zo kon zien dat het humanisme voor zelfbeschikking en tegen discriminatie was. Ik heb buiten Engeland nooit iets van discriminatie gemerkt in IHEU-verband. Wel verbaasde het mij dat Engeland het enige land ter wereld was waar homo/lesbische humanisten zich vanaf 1979 apart hadden georganiseerd, in de GALHA. Pas in 2012 is dit deel geworden van de British Humanist Association. Kort voor mijn vertrek bij de IHEU gingen er in Engeland geruchten rond dat ik aan vriendjespolitiek zou doen door homo's naar voren te schuiven. Ik heb er tijdens mijn voorzitterschap van het Humanistisch Verbond en van de IHEU nooit een geheim van gemaakt dat ik het van groot strategisch belang vond om meer jongeren, vrouwen, homo's en lesbo's bij de humanistische beweging te betrekken omdat deze groepen het meeste te lijden hadden onder de macht van de hen discriminerende godsdiensten. Dat in Engeland juist een punt werd gemaakt van de homo's en niet van de andere groepen had mij te denken moeten geven maar ik vond dat ik achterbaks geroddel moest negeren.

Het is mij vaak overkomen dat ik e-mail-berichten kreeg met een staart aan voorafgaande berichten waarvan de verzenders zich kennelijk niet bewust waren dat ik die ook onder ogen kreeg. In 1998 overkwam mij dat ook. Daaruit bleek dat de machtige penningmeester van de BHA en lid van het dagelijks bestuur van de IHEU Robbi Robson van mening was dat ik als Nederlander niet te vertrouwen was, dat ik onrechtmatig geld van de IHEU zou verdonkeremanen en andere Nederlanders zou voortrekken zoals 'the Dutch for centuries were used to do so'. Dat deed voor mij de deur dicht. Pas later werd ik mij er van bewust dat zij een kennelijk breder in Engeland levend vooroordeel verwoordde, hetgeen onder andere bleek uit het feit dat in de voorgaande e-mail-correspondentie de andere Engelsen geen bezwaar maakten tegen haar stemmingmakerij.


Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.


Naschrift: in mijn blog plaats ik onder andere conceptteksten voor mijn memoires die eind 2016 als boek zullen verschijnen. Mijn eigen blogteksten zal ik niet steeds als citaat aanhalen. Dat doe ik wel met het aanhalen van eigen teksten die elders zijn verschenen, met bronvermelding.

zaterdag 5 december 2015

122. IHEU & Nederland

Nederland was van groot belang bij het tot stand komen van de IHEU in 1952. Van 1952 tot 1998 was er altijd een Nederlandse IHEU(co)president. Daarna niet meer. Van 1952 tot 1997 was het IHEU-hoofdkantoor in Utrecht gevestigd. Daarna in Londen. Wat ging er mis in de relatie tussen IHEU en Nederland? En vond zo'n verwijdering ook plaats tussen Nederland en de wereldwijde homo/lesbische beweging omdat er mogelijk sprake is van een bredere ontwikkeling in Nederland?

IHEU
Vanaf het oprichtingscongres in Amsterdam in 1952 was de Nederlandse invloed op de IHEU groot. Niet alleen door de vier Nederlandse (co)presidenten van 1952 tot 1998 en door het hoofdkantoor in Utrecht van 1952 tot 1997, maar ook door de verhoudingsgewijs grote financiële inbreng (gemiddeld 25% van 1952 tot 2002) en de veeltalige vrijwilligers die de kleine IHEU-staf ondersteunde.

Nederland
Tijdens mijn (co)presidentschap van 1986 tot 1998 zag ik het draagvlak voor de IHEU in Nederland afbrokkelen. Lag dat aan mij? Of was hier sprake van een maatschappelijke onderstroom? Tijdens mijn voorzitterschap van het Humanistisch Verbond van 1977 tot 1987 heb ik vele tientallen lezingen door heel Nederland gehouden en was ik regelmatig te zien, te horen en te lezen in de Nederlandse humanistische en algemene media. Tijdens mijn (co)presidentschap van de IHEU werd ik in Nederland slechts enkele keren gevraagd een lezing te houden en was ik vrijwel niet terug te vinden in de Nederlandse media.

Buitenlandse bezoekers van IHEU-lidorganisaties klaagden steen en been over de geringe belangstelling onder Nederlandse humanisten voor hun werk. In de Nederlandse media (ook de humanistische televisie, radio en bladen) is heel weinig terug te vinden over enige belangstelling voor buitenlandse humanistische bewegingen. Voor de IHEU-congressen in Nederland in 1974, 1992 en 2002 was er geen sprake van grote belangstelling onder Nederlandse humanisten. Na mijn vertrek als HV-voorzitter in 1987 was er onder mijn opvolgers geen merkbare belangstelling voor de internationale humanistische beweging. Dat is pas de laatste tijd veranderd onder de HV-voorzitters Rein Zunderdorp en Boris van der Ham.

Er waren meer uitzonderingen. Onder de vrijwilligers moet ik Nettie Klein noemen die van 1982 tot 1996 algemeen secretaris was. Zij onderhield veel contacten met personen die actief waren in de wereldwijde humanistische beweging. Onder de medewerkers moet ik Jaap Dijkstra vermelden die van 1985 tot 2002 directeur was van de humanistische ontwikkelingsorganisatie Hivos die de uitbreiding van de IHEU in ontwikkelingslanden sterk heeft gesteund. Onder Nederlandse humanistische geestelijke verzorgers en docenten humanistisch vormingsonderwijs bestond wel grote belangstelling voor contacten met buitenlandse collega's, bijvoorbeeld via de European Humanist Professionals. Onder de medewerkers van de Universiteit voor Humanistiek toonden Fons Elders, Rob Buitenweg en Bert Gasenbeek levendige belangstelling voor de wereldwijde humanistische beweging.

Vlaanderen
De naar binnen gekeerde belangstelling van de meeste Nederlandse humanisten is geen uitzondering. Sonja Eggericks, Vlaamse president van de IHEU  van 2006 tot 2015, en dus in zekere zin mijn opvolgster, schreef mij: "Er zijn zeker nog altijd mensen in Vlaanderen die belangstelling hebben voor wat in Nederland gebeurt maar helaas een minderheid. Ik heb het ook in humanistische middens ondervonden: wanneer ik bijvoorbeeld verslag uitbracht over IHEU, waren er altijd wel leden (...) die vonden dat er "bij ons" nog zoveel te doen was.... Dit verandert nu wel een beetje (...) en ik probeer waar dan ook uit te leggen dat Vlaamse mensen mee aan de oorsprong liggen van IHEU bijvoorbeeld."

Homo/lesbische beweging
Eerder schreef ik in blogbericht 106 dat de homo/lesbische pendant van de IHEU, de International Committee for Sexual Equality ICSE (1951-1960), vrijwel geen draagvlak in Nederland kon vinden. Ook latere pogingen om in Nederland internationale homo/lesbische initiatieven te ontwikkelen, vonden weinig steun. Terwijl Nederland een voorbeeld was voor buitenlandse emancipatiebewegingen konden buitenlandse bezoekers hier weinig steun verwachten. Ook in dit geval was Hivos een goede uitzondering die veel beginnende homo/lesbische organisaties in ontwikkelingslanden heeft gesteund. De laatste jaren voert ook het COC een actiever buitenlands beleid.

Huwelijksgelijkberechtiging
Ondanks al deze sombere constateringen heeft Nederland gelukkig toch (wellicht zijns ondanks) een voortrekkersrol gespeeld. Zeker als het gaat om het recht van mensen om zelf zin en vorm te geven aan het eigen bestaan zolang men het zelfbeschikkingsrecht van anderen niet aantast. In 1982 bepleitte de IHEU al gelijke behandeling van homo- en heteroseksuelen.  Een goed voorbeeld is de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht in 2001. Sindsdien is deze gelijkberechtiging in Nederland  gevolgd door (in alfabetische volgorde) Argentinië, België, Brazilië, Canada, Denemarken, Engeland, Finland, Frankrijk, Ierland, IJsland, Luxemburg, Malta, Nieuw Zeeland, Noorwegen, Portugal, Schotland, Slovenië, Spanje, Uruguay, Wales, Zuid Afrika, Zweden en delen van Mexico. Zie dit overzicht van toenemende huwelijksgelijkberechtiging.

Recht op een zelfgekozen levenseinde
Een soortgelijke ontwikkeling doet zich voor bij de wettelijke erkenning van het recht om zelf te beschikken over een menswaardig levenseinde. Dat begon in Nederland gevolgd door België, Luxemburg, Canada, Colombia en Uruguay. Hulp bij zelfdoding is nu wettelijk mogelijk in Zwitserland en in de Amerikaanse deelstaten Montana, Oregon, Vermont, Washington en Californië. In veel landen of deelstaten doen zich ontwikkelingen in deze richting voor. Zie ook: Wikipedia legality of euthanasia. Zowel in Nederland als wereldwijd heeft de op 30 november 2013 overleden Pieter Admiraal een belangrijke rol gespeeld.

Ik ontmoette hem op het IHEU congres van 1992 in Amsterdam toen hem de International Humanist Award werd uitgereikt "for advocating the right of self-determination in the field of voluntary euthanasia". Ik maakte hem sindsdien regelmatig mee als Laureate of the International Academy of Humanism, Honorary Associate of Rationalist International, en als bestuurslid van het Center for Inquiry Low Countries.

Pieter Admiraal heeft over de hele wereld meer dan 300 lezingen gegeven over het belang van het medisch-wetenschappelijk verantwoord begeleiden van mensen die een einde willen (doen) maken aan hun uitzichtloos en ongeneeslijk lijden. Zijn betekenis werd in 1994 erkend toen hij benoemd werd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Zijn strijd voor menswaardig sterven heeft velen uit hun lijden verlost en zal dat blijven doen ook na zijn dood. Hij heeft laten zien dat praktisch humanisme vanuit Nederland een grote rol heeft vervuld.

Navelstaarderij of een menswaardiger wereld?
Alles overziende voel ik mij niet schuldig voor de verwijdering tussen Nederland en de internationale humanistische beweging. Ik heb heel veel tijd en geld (zoals reis- en verblijfkosten) in de wereldwijde humanistische beweging gestoken. Maar de Nederlandse samenleving die na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog open stond voor internationale solidariteit is helaas het slachtoffer geworden van navelstaarderij en angst voor het vreemde. Juist een klein land heeft een welbegrepen eigenbelang bij een wereldorde die het recht op zelfbeschikking van mensen, zelfgekozen minderheden en kleine culturen erkent en steunt. Levend onder de zeespiegel zou je een grootschalige inzet voor klimaatverbetering verwachten en geen mentaliteit van 'ikke, ikke en de rest kan stikken' en 'de grenzen dicht'. Ik ben nu te oud om zoals vroeger de wereld af te reizen. Maar gelukkig heb ik nog mijn blog om te trachten om geestverwanten te blijven vinden die ook streven naar een menswaardiger wereld!

Naschrift: Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

Naschrift: in mijn blog plaats ik onder andere conceptteksten voor mijn memoires die eind 2016 als boek zullen verschijnen. Mijn eigen blogteksten zal ik niet steeds als citaat aanhalen. Dat doe ik wel met het aanhalen van eigen teksten die elders zijn verschenen, met bronvermelding.

zaterdag 28 november 2015

121. IHEU & Scandinavië

Tijdens mijn voorzitterschap van de IHEU voelde ik mij op bezoek bij humanistische organisaties (na Nederland en Vlaanderen) het meeste thuis in Scandinavië. En sinds ik in Friesland woon is dat gevoel alleen maar versterkt omdat de Friese cultuur heel vaak Scandinavisch aandoet. Scandinavië is bovendien een goed voorbeeld om te laten zien waarom binnen vergelijkbare culturen sommige humanistische bewegingen slagen en andere niet. En om duidelijk te maken hoe humanistische en homo/lesbische emancipatie samenhangen.

Humanistische organisaties
Ik bespreek hier de Scandinavische humanistische organisaties per land op alfabetische volgorde. Het Deense Humanistisk Samfund (opgericht in 2008) kwam moeilijk van de grond omdat de Deense staatskerk nogal liberaal is waardoor vele humanisten niet de noodzaak zagen om zich te organiseren. Toch is het alsnog gelukt om een humanistische organisatie te beginnen die inmiddels meer dan 600 leden telt. De scheiding van kerk en staat is een belangrijk punt omdat Denemarken nog steeds een staatskerk heeft. Hiermee samen hangt het streven om een humanistisch alternatief voor het godsdienstonderwijs op scholen te ontwikkelen zoals in Nederland en Vlaanderen het geval is.

De Finse humanistische organisatie Suomen humanistiliitto bestaat sinds 1968 maar stelt heel weinig voor. Ze zijn voorbij gestreefd door de Finse vrijdenkers die al sinds 1945 bestaan. Zij hebben meer dan 1800 leden en zijn inmiddels aangesloten bij de Europese Humanistische Federatie. In Finland is het levensbeschouwelijk onderwijs als alternatief voor het godsdienstonderwijs de belangrijkste activiteit.

Het Noorse Human-Etisk Forbund (opgericht in 1956) is wereldwijd gezien, omgerekend naar het aantal inwoners, de grootste humanistische organisatie met meer dan 84.000 leden. Dit is in belangrijke mate te danken aan hun oud-voorzitter Levi Fragell met wie ik enkele jaren co-president van de IHEU was. Een belangrijk resultaat was de opheffing van de (nogal conservatieve) lutherse kerk als staatskerk en de gelijke behandeling van humanistische en kerkelijke activiteiten. Een belangrijk knelpunt was de humanistische toegang tot het onderwijs als alternatief voor het godsdienstonderwijs. Ik heb jarenlang in Noorwegen veel (Engelstalige) lezingen gehouden en hun jaarcongressen bijgewoond en was inmiddels in staat om de vergaderingen in het Noors redelijk te volgen. Denen, Noren en Zweden verstaan elkaar onderling goed en Scandinavië lijkt wat dat betreft op de Fryske taalfrede.

Een vergelijkbaar succesverhaal is op IJsland van toepassing. Het Sidmennt bestaat sinds 1990 en hun succes is in belangrijke mate te danken aan Hope Knútsson. IJsland heeft maar weinig inwoners en het ledental van meer dan duizend leden is verhoudingsgewijs hoog. Net als in Noorwegen, Nederland en België is ook hier de strijd voor humanistische gelijkberechtiging en voor een alternatief aanbod voor kerkelijke activiteiten een goede verklaring voor het succes.

Wat voor Denemarken gold, gold ook voor het Zweedse Humanisterna: last van een liberale staatskerk waardoor veel humanisten de noodzaak tot zelforganisatie niet zagen. Opgericht in 1979 heeft het nu meer dan 400 leden en is het dus inmiddels in dit opzicht door de humanisten in Denemarken ingehaald. Ook in Zweden heb ik enkele jaarcongressen meegemaakt en (Engelstalige)  lezingen gehouden.

Homo/lesbische organisaties
Tijdens mijn humanistische lezingen in Scandinavië viel mij de grote homo/lesbische aanwezigheid op. Anders dan tijdens mijn lezingen in de rest van de wereld (buiten Nederland en Vlaanderen waar dat ook het geval was) bleek er een grote overlap te zijn tussen de humanistische en de homo/lesbische bewegingen. In Denemarken is dat de LGBT-Danmark (opgericht in 1948), in Finland is dat Seta (1974), in Noorwegen is dat de LHH (1952), in IJsland is dat Samtökin'78 (1978) en in Zweden is dat de RFSL (1950). Het Nederlandse COC is opgericht in 1946 en kent net als alle Scandinavische homo/lesbische organisaties een goede samenwerking tussen mannen en vrouwen. In de rest van de wereld is dat aanzienlijk minder het geval, zijn de meeste homo/lesbische organisaties veel later opgericht en wordt er minder nauw met de humanistische beweging samengewerkt.

En er zijn nog enkele overeenkomsten. In Nederland is het huwelijk opengesteld voor paren van gelijk geslacht in 2001, in België in 2003, in Denemarken in 2012, in Finland gebeurt dat in 2017, in Noorwegen was dat in 2009, in IJsland in 2010 en in Zweden in 2009. Deze landen zijn wereldwijd koplopers in de strijd voor huwelijksgelijkberechtiging. IJsland heeft wereldwijd van 2009 tot 2013 de eerste openlijk lesbische premier gehad, Jóhanna Sigurðardóttir, en België van 2011 tot 2014 de eerste openlijke homo-premier, Elio di Rupo. Dat was alleen maar mogelijk dankzij het feit deze samenlevingen het humanistisch beginsel van zelfbeschikking hadden omarmd en dat zowel de homo/lesbische als de humanistische emancipatiebewegingen zich goed georganiseerd hadden.

Scandinavië, Nederland en Vlaanderen
Van 1952 tot 2015 heeft de IHEU altijd een Nederlandse, Noorse of Vlaamse (co)president gehad met uitzondering van een korte onderbreking van 2003 tot 2006. Bijna de helft van alle inkomsten van de IHEU kwamen uit deze gebieden. Zij vertegenwoordigen een vorm van humanisme die niet zozeer theoretisch maar vooral praktisch gericht is door concrete humanistische alternatieven aan te bieden voor kerkelijke activiteiten. Zij hebben hun strijd voor gelijkberechtiging gevoerd door zelforganisatie, en door bondgenoten (zoals de vrouwen- en homo/lesbische beweging) en sleutelfiguren (onder andere in de politiek) te benaderen. Dankzij de strijd zowel tégen kerkelijke bevoorrechting als vóór praktische dienstverlening kregen zij draagvlak in het buitenkerkelijk deel van de bevolking. Hun successen vormen de ruggengraat van de internationale humanistische beweging!

Naschrift: Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

zaterdag 21 november 2015

120. IHEU & België

Als beginnend voorzitter van de IHEU wilde ik kennismaken met de twee min of meer humanistische universiteiten in Brussel. De Nederlandstalige Vrije Universiteit Brussel en de Franstalige Université libre de Bruxelles. Omdat ze beide op dezelfde campus liggen, dacht ik snel van de eerste naar de tweede afspraak te kunnen wandelen. Maar toen bleek dat de twee universiteiten gescheiden werden door een bijna onneembare dijk waar ik me met moeite door het struikgewas kon worstelen. Een dijk als taalgrens: dat was ik nog niet eerder tegengekomen! Geen Berlijnse muur maar een Brusselse dijk. Een merkwaardige ontmoeting in het België van een helaas eeuwenoude taalstrijd.

Omdat Brussel officieel een tweetalige stad is, kwam ik (in het Frans) bij de ULB met het voorstel dat ik Nederlands zou spreken en de gastheren Frans. Maar dat mocht niet: Nederlands spreken was er verboden. Ik moest toen denken aan de (Franstalige) lezingen die ik in Frankrijk had gegeven. Die begon ik met het grapje dat ik mij verontschuldigde voor mijn onvolmaakte Frans maar dat ik aannam dat mijn Frans beter was dan hun Nederlands. Dat werd steevast als een erge belediging opgevat: de gedachte dat Fransen een minderwaardig taaltje als het Nederlands zouden willen leren was onverdraaglijk! Ik neem al jaren deel aan een Europese humanistische discussiegroep op internet. Daar maakte ik eens de fout om een Nederlandstalig bericht aan een Vlaming naar het hele netwerk te sturen. De haat tegen het Nederlands spatte af van de berichten van enkele Fransen die zich kennelijk persoonlijk beledigd voelden dat zij dit achterlijke taaltje ('patois') te lezen kregen. Voor de verschillen tussen de Vlaamse taalstrijd en de Friese taalvrede verwijs ik naar mijn Tresoar-lezing Identiteit als keuze.

In de jaren dat ik actief was in de Nederlandse en in de internationale humanistische beweging ben ik vele malen door geestverwanten uitgenodigd om lezingen te geven in Vlaanderen, enkele malen in Frankrijk maar nimmer in Franstalig België. Ik heb wel goede herinneringen overgehouden aan de keren dat ik (Nederlandstalige) gastcolleges gaf aan studenten Neerlandistiek in Franstalig België. In de afgelopen eeuwen zijn veel Vlamingen om economische redenen naar Franstalig België verhuisd waar men heel veel Vlaamse achternamen aantreft. Friezen die om diezelfde redenen uit Friesland zijn vertrokken, zijn nog altijd trots op hun afstamming. Lees mijn blogbericht over  It wrede paradys. Ik heb nog nooit een Franstalige Belg ontmoet die trots was op zijn Vlaamse afkomst. En de vele werkeloze Franstalige Belgen zijn meestal niet bereid om werk te zoeken in Vlaanderen waar het economisch veel beter gaat. 

HVV & CAL
In Vlaanderen werd in 1951 naar Nederlands voorbeeld een eigen Humanistisch Verbond opgericht. Dat is inmiddels opgegaan in de Humanistisch Vrijzinnige Vereniging. In Vlaanderen heb ik zowel met de bestuurders als met de medewerkers vriendschappelijke betrekkingen onderhouden. In Franstalig België werd in 1969 naar Frans voorbeeld een Centre d'action laïque opgericht. Maar toch is er een belangrijk verschil. In Frankrijk staat de volstrekte scheiding van kerk en staat centraal: het neutralisme. In geheel België wordt net als in Nederland uitgegaan van een pluralistische benadering: een gelijke behandeling en ondersteuning van zowel godsdienst als levensbeschouwing. Ook is er in België net als in Nederland aandacht voor het bieden van een ongodsdienstig alternatief voor de kerken in de vorm van (wat in Nederland genoemd wordt) het humanistisch vormingsonderwijs en de humanistische geestelijke verzorging. Het begrip humanisme is in Franstalig België helaas gekaapt door de Franstalige christen-democraten waardoor net als in Frankrijk en anders dan in de rest van Europa verwarring omtrent de humanistische identiteit bestaat onder Franstaligen.

EHF/FHE
In 1991 was ik in Praag een van de oprichters van de Europese Humanistische Federatie EHF/FHE, waarvan ik van 1991 tot 1999 vicevoorzitter was. Daar was aanvankelijk verzet tegen vanuit Engelstalige bestuurders van IHEU-lidorganisaties. Zij leden aan een kwaal die ik vaker in humanistische kringen ben tegengekomen: een uiterst dogmatisch opgevat internationalisme dat niet te verenigen zou zijn met iedere vorm van nationalisme, zoals bijvoorbeeld de open Fryske mienskip. Het begrip gelijkheid wordt in die kringen opgevat als gelijkvormigheid. In een ideale wereld zou er naar hun mening maar plaats zijn voor één staat en één taal, in hun geval het Engels.

Naar mijn mening houdt de humanistische opvatting van gelijkheid geen gelijkvormigheid in maar gelijkwaardigheid. Geen eenvormigheid maar veelvormigheid. Geen eentaligheid maar veeltaligheid. Geen dictatuur van een meerderheid maar zelfbeschikking voor individuen en zelfgekozen zelforganisatievormen van minderheden. Gelukkig kon ik als IHEU-voorzitter de tegenstanders er van overtuigen dat het voor de humanistische belangenbehartiging noodzakelijk was om in Brussel een humanistische Europese organisatie te vestigen. Die is er gekomen op de Franstalige campus van de ULB. Ik heb toen wel bedongen dat er voldoende Engelskundige medewerkers en vrijwilligers zouden komen om te voorkomen dat de EHF/FHE een uitsluitend Franstalige organisatie zou worden. Dit is naar tevredenheid geregeld zoals onder andere blijkt uit de website humanistfederation.eu. Ook mijn verlangen dat niet alleen de Franse neutralistische maar ook de Nederlands/Belgische pluriforme benadering naar voren gebracht zou worden, werd aanvaard. Inmiddels hangt het merendeel van de Europese humanistische lidorganisaties de pluralistische benadering aan. Ik was van 1994 tot 1999 voorzitter van de European Humanist Professionals waaraan humanistische onderwijsgevenden en geestelijke verzorgers uit meerdere Europese landen deelnemen.

De taakverdeling tussen de IHEU en de EHF/FHE was lange tijd een bron van spanningen omdat vooral de Amerikaanse humanistische pionier Paul Kurtz in Europa initiatieven ontwikkelde, zoals in Rusland, Spanje en Griekenland. Dat zagen sommige lidorganisaties van de EHF/FHE als een Amerikaanse inmenging in Europese aangelegenheden. Ik kon hen uiteindelijk geruststellen dat, mochten daar humanistische organisaties ontstaan, zij ongetwijfeld lid van de EHF/FHE zouden worden. Hetgeen geschiedde. Ook bleef ik de vertegenwoordiging van de IHEU bij de Raad van Europa mede bemensen omdat een aanvrage vanuit de EHF/FHE om die over te nemen niet bij voorbaat zeker was. Maar dankzij veel polderen werden de meeste plooien glad gestreken.

De EHF/FHE heeft veel bereikt om de gelijke behandeling van humanisten in de Europese Unie te bewerkstelligen. Vooral de Franse voorzitter van de Europese Commissie Jacques Delors stond daar tijdens zijn voorzitterschap van 1985 tot 1995 voor open. De EHF/FHE heeft in de begintijd veel gehad aan de Franstalige, Nederlandskundige, Brusselaar Claude Wachtelaer, met wie ik nauw samenwerkte. Hij leidde vanuit de EHF/FHE een door de EU gesteund project om de contacten tussen godsdienstige en levensbeschouwelijke organisaties in Europa te verbeteren.  Zo heeft de Belgische ervaring om om te gaan met taal- en cultuurverschillen op de grens tussen Noord- en Zuid-Europa ook de humanistische beweging in Europa helpen versterken. De bovengenoemde Brusselse dijk werd alsnog een culturele brug!


Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.